{{ darkOn ? 'go bright' : 'go green' }}
PRAKTIJKVERHALEN

Beroepsroute Maaslandcollege biedt ruimte voor creatieve processen en duurzame thema’s

Marcel van der Wielen
Docent Beroepsroute
Richard van Ommen
Directeur Talentencampus
regio
trefwoorden
auteur
Marcel van der Wielen
Docent Beroepsroute
Richard van Ommen
Directeur Talentencampus
partners
Groow

Groow faciliteert een ontwerpende manier van leren, waarmee studenten, docenten en beleidsmakers leren & werken vanuit een ‘ontdekkende’ en ‘creatieve’ houding en daarbij behorende vaardigheden.

website

De Lerende Stad Oss

Met het “open badge” systeem beloont Lerende Stad Oss kennis en vaardigheden die in (vrijwilligers-)werk worden opgedaan.

website

Op het Maaslandcollege heeft de Beroepsroute binnen vmbo-tl vaste grond onder de voeten. Daarin komen steeds vaker duurzame thema’s aan bod die leerlingen vertrouwd maken met zowel de vaardigheden als de thema’s van deze tijd.

Docent en aanjager Marcel van der Wielen en Richard van Ommen, directeur Talentencampus, vertellen enthousiast hoe dit werkt bij hen in Oss.

“Leerlingen leren vragen te stellen, zich verdiepen in de doelgroep. Als je bijvoorbeeld een duurzame stad of wijk wilt bouwen, wat voor persoon woont er dan in die wijk? Wat willen zij?”

Curriculum: beroepsroute vast onderdeel rooster

Marcel: “Het hele jaar krijgen de leerlingen lessen gericht op de praktijk, op de beroepen die ze zouden kunnen kiezen. We hebben hier drie lesuren per week voor ingeroosterd. Binnen dat programma werken ze ieder jaar aan een concreet project. Daarin zijn de leerlingen acht weken achter elkaar bezig met een vraagstuk van een opdrachtgever. Dat is bijvoorbeeld Energietransitie Oss, een opdracht van de gemeente, of een afvalproject waarbij de school opdrachtgever is. De Talentencampus Oss helpt ons door de verbinding met opdrachtgevers en eventueel ook collega-scholen te leggen.”

Talentencampus: verbinder werkveld en onderwijs

Richard bouwde de afgelopen jaren met de Talentencampus een netwerk op van zo’n 400 bedrijven. Als intermediair brengt hij partijen bij elkaar, vraagstukken van ondernemers komen zodoende bij onderwijsinstellingen terecht. Hij koppelde onder meer het Maaslandcollege aan het project Energietransitie.

“Wij zijn van het doen en ervaren wat werkt. Wij faciliteren daarbij de ontmoeting. Loopt het eenmaal tussen school en opdrachtgever, dan nemen wij weer afstand. Bij het Maasland werden we daarbij best verrast door de innovatieve en creatieve inzendingen.”

Didactiek: vragen stellen en je verdiepen in een ander

Die inzendingen kwamen tot stand door Marcel en zijn collega’s. Hoe pakt hij dat aan? “De methodiek staat bij ons voorop. Een onderdeel daarvan is bijvoorbeeld het maken van persona, je verdiepen in die personen en vragen stellen. Als je bijvoorbeeld een duurzame stad of wijk wilt bouwen, wat voor persoon woont er dan in die wijk? Wat willen zij? En natuurlijk moeten ze ook zelf bedenken hoe volgens hen een duurzame wijk eruitziet, wat is dan duurzaam?

De school werkt met de methode Groow, een ontwerpende manier van leren, gericht op creatief denken. De methode helpt de leerlingen te denken en te doen als een ontwerper.

“Je wilt de leerlingen niet te veel binden aan bepaalde ideeën. Ik mag ook geen voorbeeld geven want dan focussen ze daar te veel op. Dan zitten ze meteen vast. Dat kan best lastig zijn want je wilt ze wel op gang helpen maar niet vastzetten.”

Ook is het belangrijk niet te veel beperkingen op te werpen. Voor de Energietransitie bedacht een groepje: ‘Water in riolering dat stroomt toch al. En als dat heel veel stroomt en er heel veel water doorheen gaat, kun je dat water dan energie op laten leveren?’

Zij hebben dat technisch uitgedacht en daar komen natuurlijk wel wat kanttekeningen bij. Maar als je alleen beren op de weg ziet kom je nergens. Wij zeggen: ‘Jij bepaalt wat mogelijk is’. Als wij van tevoren de opdracht te strikt maken dan ben je die creativiteit kwijt”.

Visie: verbinding met omgeving, 21st century skills en duurzame thema’s

Het Maaslandcollege wil praktijk meer ruimte geven in het theoretische vmbo-onderwijs. Dat was ook al zo zonder de introductie van een nieuwe leerweg (de gemengde en de theoretische leerweg worden in 2024 samengevoegd tot één nieuwe leerweg. In deze nieuwe leerweg volgen de leerlingen naast avo-vakken een praktijkgericht programma).

Daarbij werden altijd al projecten gezocht met liefst een externe opdrachtgever. Om te toetsen hoe de methodiek werkte zijn ze wel dicht bij huis begonnen.

Het eerste project: Kijk maar eens op school na de pauze

Marcel vertelt hoe Het Maaslandcollege hiermee gestart is. “Ons eerste project hebben we dicht bij huis gehouden. Zo konden we ervaring opdoen met de methodiek en het werken met een opdrachtgever.”

“Om jongeren aan te spreken hebben we er reclame voor gemaakt in de stijl van het wereldnatuurfonds. Laten zien wat gevolgen voor het klimaat zijn van je eigen gedrag. Bij ons is dat geworden “kijk maar eens op school na de pauze”.

“Er zijn veel verschillende voorstellen gedaan, één van de groepen heeft een soort Holle Bolle Gijs bedacht die herrie maakt als je er iets gooit. En we hebben nu op alle tafels een plastic bak staan zodat daar het afval in verdwijnt in plaats van op de grond. Maak het makkelijk voor ze. Wij hebben trouwens wel gemerkt dat we minder afval hadden. Dat zou heel goed een gevolg kunnen zijn van ons project.”

“Inmiddels roept het scheiden van afval ook vragen op. Volgend jaar zal de opdracht dan ook meer die richting op schuiven. Dat vraagt wel iets van de school ook, om de benodigde aanpassingen in te voeren en te financieren.”

Talentencampus helpt bij leren in je omgeving

Veel scholen willen verbinden met de omgeving, maar niet altijd weten hoe dat moet. In Oss helpt de Talentencampus daarbij.

“Het aantal bedrijven waar scholen al mee samenwerken is vaak beperkt. Wij helpen om dit via projecten breder in te vullen,” vertelt Richard.

“Liefst zien we de hele stad daarbij als leeromgeving.”

Die aanpak blijkt succesvol, bedrijven en scholen zijn blij met de projecten. Vraag en aanbod zijn niet direct klip en klaar op elkaar afgestemd, daar zorgt de Talentencampus voor. Met de groei van het netwerk en de bekendheid van de campus blijven leuke opdrachten binnen komen.

“Inmiddels verbinden we al deze initiatieven en ontwikkelingen samen onder de noemer ‘De Lerende Stad Oss’.”

“Vlak voor de zomer werd ik benaderd door het Energiepark”, vertelt Richard. “Prachtig project waarbij licht doorlatende zonnepanelen boven gewassen zijn geplaatst. Zij willen zich meer gaan verbinden met het Voortgezet Onderwijs, dus wie weet wordt dat een mooi project voor het Maasland voor volgend jaar.”

Project Energietransitie: Van energieparkje tot stroom uit het riool

Via de Talentencampus kwam het project Energietransitie bij de school terecht. De gemeente wilde ideeën opdoen en tegelijkertijd jongeren betrekken bij het thema. Dat is allebei zeker gelukt.

De winnende groep maakte een filmpje én een maquette van hun plan: een energieparkje.

“Daarin kunnen mensen buiten spelen op apparaten die werken op zonne-energie maar die door de bewegingen ook zelf weer energie opwekken. Hier worden dus een aantal mooie zaken gecombineerd, want a. mensen komen buiten b. mensen kunnen elkaar ontmoeten c. ze kunnen bewegen en zo energie opwekken (steps, bewegingsapparaten) d. er zijn ook nog zonnecellen geplaatst”, zegt Marcel.

“Ook het eerdergenoemde idee om stroom op te wekken via het riool werd positief ontvangen door de opdrachtgever.”

“De leerlingen bleken echt creatieve, innovatieve, ideeën te hebben uitgewerkt.”

Project “Deelgenoten”

Veel opdrachten hebben een link met techniek, maar ook voor Zorg en Welzijn zijn er af en toe opdrachten. Dit jaar draaide die opdracht om dagbesteding. In Oss zijn hier veel kleine en grote organisaties afzonderlijk mee bezig. Deze organisaties willen af van de ‘losse eilandjes’, zorgen dat iedereen weet van elkaar wat ze doen en hoe ze van elkaar kunnen leren.

“De leerlingen kregen allemaal een organisatie onder hun hoede. Als start moesten ze een poster maken: wat, hoe en voor wie. Die poster werd gepresenteerd aan de klas en gecheckt bij de opdrachtgever. Daarna moesten de leerlingen onderzoeken of dit aanbod ook voor een ander doelgroep interessant is en andersom: of voor de huidige doelgroep misschien een andere dagbesteding ook goed kan werken,” licht Marcel toe.

“Een mooi voorbeeld is een aanbieder van reïntegratietrajecten en een aanbieder van dagbesteding voor mensen met een beperking. In beide gevallen heb je mensen nodig die het coördineren of begeleiden. Dat kunnen dan toch prima die reïntegrerende mensen doen?”

Omgeving: een echte opdrachtgever en een harde einddatum

Belangrijk voor alle projecten vindt Marcel dat de leerlingen hoe dan ook iets moeten opleveren aan het eind van de acht weken. “Of het nu af is of niet. Lesuitval gehad? Het project gaat gewoon door, want na acht weken moet je presenteren, net als bij bedrijven. We kunnen niet zeggen ‘er is een docent ziek geweest, we stellen het uit’. “

“De opdrachtgever beoordeelt de projecten inhoudelijk met feedback, door vragen te stellen. Wij kijken vooral naar hoe de leerlingen samenwerken, hoe ze communiceren, hoe ze de ‘21st century skills’ toepassen: hoe ze communiceren. Ze mogen daarbij best fouten maken.”

“Soms blijkt dat een groep die maar tot halverwege is gekomen en geen eindproduct heeft toch het beste gepresteerd heeft. Omdat ze heel goed over de beginstappen nagedacht hebben.”

“Dan kan het bedrijf toch zeggen: ‘Hier is zo goed over nagedacht, het idee wat jullie leveren is zeker de moeite waard’.”

Meer inhoudelijke verbinding tussen school en omgeving

Het Maaslandcollege en de Talentencampus zetten zich samen in om de verbinding tussen scholen en bedrijven, overheid en andere instellingen nog beter in te richten en te versnellen.

Richard:

‘De leerlingen profiteren hierdoor het meest. Door anders te werken dan gebruikelijk is op school. Door samen te leren werken én de school met de maatschappij te verbinden’